maandag 9 november 2015

“Pride”

“Mam, mag ik die krant maandag mee naar school om in de klas te laten zien dat je erin stond?” Mijn elfjarige was na een paar dagen schoolkamp door mijn ex thuis gebracht en ze stonden allebei met grote ogen naar het Parool te kijken dat op tafel lag. “Ben je trots op mama?” vroeg mijn ex. “Ja supertrots!”. We stonden allebei vertederd te luisteren en kijken naar hoe hij dat volmondig zei.

Ook ik had met grote ogen staan kijken toen de krant donderdag verscheen. Ik was geïnterviewd over mijn blog en had begrepen dat het in de PS een artikel zou worden van een bladzijde of twee. Toen ik dat hoorde was ik al verbaasd want ik  had verwacht dat het een klein artikeltje van 2 of 3 kolommen zou worden. Toen bleek dat ik de halve voorpagina besloeg, de totale voorpagina van het midden katern en ook nog eens 2 bladzijdes binnenin was ik met stomheid geslagen. Ik ben serieus een paar dagen beduusd geweest. En mijn trotse kind was eigenlijk het mooiste compliment. Ik ben zelf niet zo snel trots op hetgeen ik doe. Ik doe gewoon mijn ding en probeer dat zo goed mogelijk te doen. Toen er jaren geleden eens aan me gevraagd werd waar ik trots op was kon ik eigenlijk alleen maar antwoorden dat ik dat gevoel over mezelf niet zo goed kende. “Doe maar gewoon dan doe je al gek genoeg” en “beter dan je best kun je niet doen” waren vroeger thuis een beetje de levensmotto’s. Dus je deed je ding en dat deed je zo goed mogelijk.

Ik ben wel vaak trots op de organisatie waar ik voor werk. En ik vind het dan ook leuk als ik gevraagd word om ergens een presentatie te mogen geven over het Openbaar Ministerie en het werk dat we daar doen. Afgelopen week mocht ik werknemers en werkgevers in de zorgsector uitleggen wat het OM doet en hoe wij aan kijken tegen geweld op de werkvloer. Mensen die werken in de thuiszorg, de jeugdzorg, in ziekenhuizen, in zorginstellingen voor gehandicapten, voor ouderen, en ga zo maar door. Mensen die soms in hun werk geconfronteerd worden met agressieve patiënten of cliënten en figuurlijk worstelen met wat ze daarmee moeten. Moeten ze aangifte doen als ze klappen krijgen of op een andere manier mishandeld of bedreigd worden? Want wat gebeurt er dan met de patiënt/cliënt? En kun je het een geestelijk gehandicapt iemand wel aanrekenen dat ze af en toe zichzelf niet onder controle hebben? Is het strafrecht wel de juiste plek om dit soort incidenten te plaatsen?

Wat me opvalt in dit soort bijeenkomsten is hoe men bijna niet durft zichzelf als slachtoffer van geweld te zien. Deze mensen hebben allemaal hart voor de mensen waar ze zorg aan verlenen en het lijkt of ze het als verraad zien als ze aangifte zouden doen tegen hun patiënten of cliënten. Het is dus een klus om ze duidelijk te maken dat geweld op de werkvloer echt niet acceptabel is en ze dat niet hoeven te accepteren. En dat wij als OM rekening houden in de vervolging met de situatie van de verdachte en dat een rechter daar ook rekening mee houdt bij het opleggen van een straf. En het is echt niet zo dat deze mensen altijd ontoerekeningsvatbaar zijn. Jurisprudentie wijst uit dat er passende straffen worden opgelegd in dit soort situaties. Het is van belang dat de instellingen intern dit soort zaken goed geregeld hebben maar ook goede contacten hebben met de wijkagent of iemand binnen hun politie-eenheid die verstand heeft van dit soort zaken zodat gezamenlijk bepaald kan worden in welke gevallen je volstaat met een melding van het geweld of wanneer je ervoor kiest om aangifte te doen. En bij de bijeenkomst waar ik te gast was werd daar uitgebreid bij stil gestaan.

Komende week mag ik zowel op de UVA in Amsterdam als op de Fontys-hogeschool in Tilburg studenten journalistiek vertellen over het OM. Weer een totaal andere doelgroep maar minstens zo interessant. Hoe belangrijk is het dat zij in ieder geval begrijpen wat het OM doet en hoe onze organisatie in elkaar steekt. Zij zijn immers de mensen die in de toekomst de samenleving op de hoogte zullen houden van misdaad, strafrecht en ander nieuws vanuit de rechtszaal.

Binnenkort hoop ik ook nog voor een andere groep te mogen staan… Mijn elfjarige heeft gevraagd of ik bij hem in zijn klas (groep 7/8) wil komen vertellen over mijn werk. Een leeftijdsgroep die op de drempel staat om 12 te worden. En vanaf 12 ben je strafrechtelijk vervolgbaar als je de verkeerde keuzes maakt. Ik hoop dat ik ze daarin een beetje kan voorlichten. En verheug me enorm op het trotse snoetje van mijn zoon. Ok, ik geef toe… er is toch iets waar ik zelf trots op ben… Op het, samen met zijn vader, op de wereld zetten van hem!



1 opmerking:

  1. Onbetaalbaar en onvergetelijk, de reactie van (je eigen!) kind! Vasthouden (vastgelegd is het immers al in je blog) en koesteren :-)

    Wat betreft die zorginstellingen: dan ga je braaf aangifte doen, wordt het óf geweigerd (politie Almere) óf laten ze (willens en wetens) een dader die serieus naar anderen heeft 'opgeschept' over zijn 'activiteiten' , naar het buitenland vertrekken om niet meer terug te komen (en ja, tot 2X toe!!!) dank aan de politie/zedenrechercheurs in 't Gooi... Mag ik daarom zeggen dat ik je niet durf te geloven en inmiddels alles met uniform vermijd, letterlijk een blokje om ga wanneer een willekeurige hulpdienst in zicht komt? Nee, ik ben geen slachtoffer, want de dader(s) zijn nog altijd geen daders en zullen altijd 'verdachten' blijven, door blijven gaan met wat ze doen en ermee weg blijven komen.

    BeantwoordenVerwijderen