maandag 26 januari 2015

"Flesh and blood"

Het Openbaar Ministerie in Amsterdam heeft ongeveer 400 medewerkers. Daarvan zijn een kleine 75 officier van justitie. Voor buitenstaanders is het niet altijd even duidelijk wat we allemaal doen en wie we zijn. Vandaar ook dat ik hierover schrijf en dat we er als OM voor hebben gekozen om niet alleen maar de zwarte toga te laten zien maar ook eens iets meer te tonen wie de persoon in de toga kan zijn. En dus geef ik ook een inkijkje in mijn privé-leven en hoe mijn werk en privé elkaar raken. 

Ik vind het belangrijk dat we laten zien waar het OM voor staat, dat we aan de buitenwereld inzichtelijk maken wat we doen en dat in de toga gewoon mensen zitten die net als anderen hobby’s hebben, vader of moeder zijn, en niet alleen maar vanuit het wetboek redeneren. Maar uiteraard draait
ons werk wel grotendeels om het wetboek van strafrecht en het wetboek van strafvordering. En de vervolgingen die we instellen en de eisen die we formuleren leiden er ook toe dat we nog wel eens een bak commentaar over ons heen krijgen. Dat kan in de media zijn, maar dat gebeurt ook op zitting als verdachten het er niet mee eens zijn. Verdachten zijn ook vaak bozer op de officier dan op de rechter. Terwijl het de rechter is die uiteindelijk het definitieve besluit neemt en de straf bepaalt en oplegt. De toga moet soms wel een beetje een olifantenhuid zijn, maar er zitten dus wel allemaal mensen in de toga van vlees en bloed, die nadenken over wat ze eisen en hun werk zo goed mogelijk proberen te doen. En mensen die ook geraakt of gekwetst kunnen zijn door commentaar dat ze rechtstreeks of anoniem krijgen.

Gelukkig hebben wij over het algemeen niet heel veel te maken met bedreigingen of zelfs fysiek geweld van de mensen die het niet met ons eens zijn. Vanuit mijn portefeuille Veilig Publieke Taak word ik geconfronteerd met aangiftes door mensen die terwijl ze hun werk uitoefenen echt ernstig bedreigd worden of die klappen krijgen doordat men het niet met ze eens is. Zo kwam er deze week een mail binnen van een van de Amsterdamse ziekenhuizen waarin me gevraagd werd binnenkort te komen praten over de aanpak bij dit soort zaken. Verplegend personeel dat mensen probeert te helpen omdat ze gewond binnenkomen en vervolgens bedreigd wordt. En dat is helemaal een nare situatie als het niet gaat om een EHBO-kwestie en de “zieke” meteen weer naar huis kan, maar gaat om iemand die langere tijd in het ziekenhuis moet verblijven omdat zijn gezondheidstoestand het niet toelaat om naar huis te gaan. Artsen en verplegers die bewust voor hun vak hebben gekozen, ieder ook waarschijnlijk hun eigen specialisme hebben, graag met passie hun werk uitoefenen en dan naar huis moeten met het gevoel dat ze misschien wel opgewacht gaan worden door een ontevreden patiënt of de familie daarvan. Het moet toch niet gekker worden! Moet dan de witte jas ook ineens als olifantenhuid gaan fungeren terwijl die witte jas alleen maar het teken is dat deze mensen er zijn om anderen te helpen en beter te maken? Belangrijk dus om als OM in gesprek te gaan met dit ziekenhuis en weer eens even samen met hen en met de politie de puntjes op de i te zetten over hoe we met dit soort zaken omgaan en of we het anders of beter moeten of kunnen doen dan hoe we het nu doen. Want laten we eerlijk zijn, iedereen gaat toch het liefst gewoon met plezier naar zijn werk en wil na een dag hard werken weer voldaan en tevreden thuis komen, zonder commentaar, bedreigingen of klappen te hebben moeten incasseren?

Kijk en luister naar Wilson Phillips - Flesh and Blood

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen