dinsdag 19 januari 2016

"Changes"

"Wie is de Mol?" is weer op TV. Mijn elfjarige en ik zijn al jaren fan en kijken trouw samen iedere aflevering. Dit jaar vinden we het extra spannend omdat Ellie Lust meedoet. En als persofficier van justitie heb ik met enige regelmaat contact met Ellie, ik werk erg graag met haar samen. Ik vind het stoer dat de politie besloten heeft dat Ellie mee mag doen. Net zoals ik het vorig jaar goed vond dat Rik van de Westelaken van het NOS journaal mee deed. Meedoen aan een programma als "Wie is de Mol?" hoeft niets af te doen aan hoe geloofwaardig, serieus en professioneel je bent in je vak. En ik denk dat het voor de kijker alleen maar goed is om te zien dat er achter deze boegbeelden mensen van vlees en bloed schuil gaan.

De tijden veranderen en organisaties geven ruimte voor meer openheid en transparantie. Ook binnen het Openbaar Ministerie (OM) veranderen de tijden. Toen ik ergens in de beginjaren van deze eeuw bij het OM binnen kwam trok de toenmalig voorzitter van het College van Procureurs Generaal door het land om op alle parketten een presentatie te geven. Het ging hierbij om hoe de buitenwereld tegen het OM aankeek. Wat me bijstaat is dat de Power Point presentatie een berg liet zien waarvan alleen de top boven de mist uitkwam. De rest van de berg was gehuld in dichte mist, geen idee wat zich daaronder afspeelde. Langzaam maar zeker begon het binnen de organisatie door te dringen dat dit beeld misschien niet helemaal wenselijk was. Alleen verander je dit soort dingen niet van de ene op de andere dag. Maar het proces van meer openheid is toen wel ingezet.

Jaren geleden was het niet denkbaar dat OM-ers columns en blogs zouden schrijven. Dat ze zouden gaan twitteren en in shows als RTLBoulevard, DWDD en RTL Late Night zouden aanschuiven. En ook artikelen in tijdschriften als Elsevier of gerenommeerde kranten over de persoon achter de officier waren niet denkbaar geweest. Toch gaan er intern bij ons stemmen op dat we er nog lang niet zijn. Dat we meer deel moeten nemen aan maatschappelijke debatten en dat niet alleen maar over moeten laten aan advocaten, hoogleraren en journalisten. Ik vermoed ook dat binnen de media soms niet eens gedacht wordt aan het OM omdat men verwacht dat we toch “nee” zullen verkopen. En misschien doen we dat in eerste instantie uit reflex nog wel in sommige gevallen. Maar de keerzijde van de vragen en verzoeken is dat we onszelf steeds weer in de spiegel moeten aan kijken en binnen de huidige tijd ons moeten afvragen of “nee” nog wel gepast is. En ik weet zeker dat er dus een moment komt dat het antwoord niet meer “nee” maar “ja” zal zijn.

Het is van belang dat wij vertellen wie we zijn, wat we doen en dat we dat integer en gedreven doen. En dat verlangt ook dat we transparant zijn. Zo geeft het OM al jaren op reguliere basis een cursus voor journalisten. Tijdens deze cursus geven we inzicht in onze organisatie en proberen we de basisbeginselen van het strafrecht uit te leggen. Een vonnis is bijvoorbeeld iets anders dan een arrest… dat weet niet iedere (beginnende) journalist en dus leggen we uit wat het verschil is (een vonnis is een uitspraak van de rechtbank, een arrest is een uitspraak in hoger beroep door het Gerechtshof of de Hoge Raad).

Maar er zijn natuurlijk nog veel meer onderwerpen die het OM en de politie aangaan en die voor veel mensen niet helemaal duidelijk zijn. Hoe zit het nou precies met kroongetuigen, bestaat er echt een dodenlijst, hoe gaat het in zijn werk als er een infiltrant wordt ingeschakeld? Vragen en onderwerpen die we in het belang van een specifiek onderzoek soms niet kunnen beantwoorden omdat we niet het risico willen lopen dat verdachten die we verdenken van bijvoorbeeld zware misdrijven als moord, ontvoering en verkrachting vrijuit gaan. De zin “in het belang van het onderzoek kan ik daar niets over zeggen” is als persofficier echt niet mijn favoriete zin in interviews, maar als ik dat antwoord geef is het gewoon ook echt niet anders. Toch zijn we binnen het OM en samen met de politie aan het kijken of we ook over dit soort onderwerpen meer openheid kunnen geven. De wereld is nou eenmaal veranderd en wij zijn onderdeel van de samenleving. Dus ook wij moeten met onze tijd mee gaan.


Ik geloof overigens nog niet dat we zover zijn dat er een officier mee zal gaan doen aan "Wie is de Mol?" als hij of zij wordt gevraagd… al zou ik het eerlijk gezegd best heel leuk vinden om te kijken naar de mollenstreken van mijn collega Ernst Pols, Wouter Bos of Jirko Patist… :-)

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen